Afbouwkeur encyclopedie

Header over Afbouwkeur.jpg

Kaleilaag. Osmose. Aanbranden. Wapeningsgaas. Er zijn heel veel afbouw specifieke termen. Zoals zoveel beroepsgroepen heeft ook de (af)bouwbranche naast het ‘gewone’ Nederlands nog een eigen woordenschat. Vakbroeders verstaan elkaar doorgaans wel, maar we willen geen ‘bouwbylonische’ spraakverwarring. Daarom een afbouw encyclopedie om een groot (en nog steeds groeiend) aantal vaktermen toe te lichten.

A  -  B  -  C  -  D  -  E  -  F  -  G  -  H  -  I  -  J  -  K  -  L  -  M  -  N  -  O  -  P  -  Q  -  R  -  S  -  T  -  U  -  V  -  W  -  X  -  Y  -  Z

Fabriekspleister

Fabrieksmatig samengestelde pleister met een bepaalde samenstelling.

Facet kanten

Schuine kant (ongeveer 45 graden) aan bijvoorbeeld een gipskartonplaat.

Faiencering

Zie Barstvorming.

Fenolftaleïne

Indicatorvloeistof met een kleuromslag bij pH 8,5. De vloeistof verkleurt niet op gecarbonateerd beton, maar wordt violet op ongecarbonateerd beton.

Festoen

Slinger van bloemen en bladeren voorzien van linten en strikken, geschilderd of uitgevoerd in beeldhouwwerk.

Fijn schuurwerk

Een gestukadoorde eindafwerking, gemaakt met gips-, cement-, of kunstharsgebonden produkten waaraan fijn zand (of granulaat) is toegevoegd. Het oppervlak is fijn gestructureerd. Het schuurwerkpatroon is gelijkmatig.

Fijnheidsmodulus

Bij zand of grind, de verhouding van de gecumuleerde zeefresten op een reeks genormaliseerde zeven tot de totale massa van het proefmonster.

Fijnschuren

Het gelijkmatig afwerken van een schuurpleister.

Filler

Zeer fijne vulstof die in de samenstelling van bepaalde pleisters of species wordt gebruikt vanwege de speciale eigenschappen.

Filmen

Het aanbrengen van een dunne ondergrondvolgende pleisterlaag met een maximale laagdikte van 3 mm. (applicatietechniek)

Filmlaag

zie filmen. De benaming van een dunne ondergrondvolgende pleisterlaag.

Filmvorming

Het proces waarbij een vaste laag wordt gevormd. De filmvorming kan op twee manieren verlopen: door fysische en chemische droging.

Filmvormingstemperatuur

De temperatuur waarbij het polymeer een gesloten film vormt.

FIOD

Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst

Fixeren

1. Vastmaken. 2. Vasthouden. 3. Vastzetten. 4. Verstijven van constructiedelen.

Flenzen

Opstaande kanten aan bijvoorbeeld metalen profielen (Metalstud).

Flexcorner

Flexibel hoekprofiel bestaande uit twee dunne metalen strips aangebracht aan de achterzijde van papierband, toegepast als wapening bij de uitwendige hoeken van gipsplaatsystemen.

Fluaat

Praktijknaam voor zout van waterstofhexafluorosilicaat (H2SiF6). Opmerking: 1. Het fluateren dient voor het binden van oplosbare calciumverbindingen in kalkhoudende ondergronden. 2. Er zijn onder de naam "fluaat" ook producten in de handel, die bedoeld zijn als polijst,- onderhouds- en reinigingsmiddel voor natuursteen, die in samenstelling geen verband hebben met de bovenbedoelde stof.

Fluateren

Nabewerking waarbij een oppervlak met een fluaat wordt nabehandeld om dat oppervlak van een glans te voorzien.

FNV Bondgenoten

Federatie Nederlandse Vakbeweging is een vereniging van sectoren en bonden.

FOSAG

Federatie van Ondernemers in het Schilders-, Afwerking- en Glaszetbedrijf, thans actief onder de naam OnderhoudNL.

Fractie

De verzameling (zand)korrels die bij een zeefproef op één van de zeven blijft liggen.

Fresco

Wand- of plafondschildering aangebracht op een nog natte pleisterlaag (kalkpleister).

Frezen

ook: Fraisen. Voorbehandelings- of reinigingsmethode om een vloersysteem of verontreinigde ondergrond te verwijderen met behulp van een freesmachine.

Fries

In de klassieke bouwkunst een onderdeel van het hoofdgestel tussen architraaf en kroonlijst. In ruimere zin horizontale band met schilder- of beeldhouwwerk, metzelmozaïek e.d. om een muurvlak aan de bovenzijde te begrenzen of om het in te delen.

Frijnen

Bewerking van een mineraal oppervlak met gereedschap zodanig dat evenwijdige groefjes aan het oppervlak worden gevormd ter verfraaiing van het oppervlak. Kan door middel van een beitel (natuursteen) of kamtechniek (stukadoorswerk) worden uitgevoerd.

Fronton

Driehoekige of segmentvormige bekroning van een gevel, venster of ingang, naar klassieke trant.

Functionele eisen

Een omschrijving van de eisen die aan een bouwwerk of object worden gesteld om de verlangde functies te kunnen vervullen.

Functionele kleurtoepassing

Kleuren die voor een bepaald doel of een bepaalde functie worden toegepast.

Functionele kwaliteit

De mate waarin een project of bouwwerk voldoet aan de gestelde functie-eisen.

Fungicide

Stof die schimmels kan doden.

Fysisch

Natuurkundig, betrekking hebbende op de natuur.

Fysische droging

Een natuurkundig proces waarbij geen chemische reactie plaatsvindt.

Fysische hechting

De mechanische binding, afhankelijk van de eigenschappen van de materialen zoals bijvoorbeeld de textuur. Zie adhesie, de kleefkracht tussen twee verschillende stoffen.

A  -  B  -  C  -  D  -  E  -  F  -  G  -  H  -  I  -  J  -  K  -  L  -  M  -  N  -  O  -  P  -  Q  -  R  -  S  -  T  -  U  -  V  -  W  -  X  -  Y  -  Z