Afbouwkeur encyclopedie

Header over Afbouwkeur.jpg

Kaleilaag. Osmose. Aanbranden. Wapeningsgaas. Er zijn heel veel afbouw specifieke termen. Zoals zoveel beroepsgroepen heeft ook de (af)bouwbranche naast het ‘gewone’ Nederlands nog een eigen woordenschat. Vakbroeders verstaan elkaar doorgaans wel, maar we willen geen ‘bouwbylonische’ spraakverwarring. Daarom een afbouw encyclopedie om een groot (en nog steeds groeiend) aantal vaktermen toe te lichten.

A  -  B  -  C  -  D  -  E  -  F  -  G  -  H  -  I  -  J  -  K  -  L  -  M  -  N  -  O  -  P  -  Q  -  R  -  S  -  T  -  U  -  V  -  W  -  X  -  Y  -  Z

Maaswerk

In baksteen, natuursteen of soms in hout uitgevoerde decoratieve vulling in het bijzonder in de koppen van gotische vensters, nissen en muurvlakken.

Maatvoering

Het aangeven, vastleggen door uitzetten en opmeten van de maten van lijnen, vlakken of constructiedelen.

MAC-waarde

Concentraties in de lucht van stoffen in de vorm van gas, damp, vezel of stof waaraan een mens blootgesteld kan worden gedurende een arbeidsleven zonder gezondheidsschade voor hemzelf en zijn nageslacht. Men maakt een onderscheid in twee type MAC waarde, de TGG (tijd gewogen gemiddelde) waarden en de Ceiling (C) of plafondwaarde. MAC-tgg laat een kortdurende overschrijding toe mits deze gecompenseerd wordt. MAC-c mag absoluut niet worden overschreden.

Magnesiet

In dekvloeren kan magnesiet als bindmiddel worden toegepast. Het is een ivoorwit mineraal, chemische binding uit magnesium koolstof en zuurstof (MgCO3).

Magnesiet dekvloer

Dekvloer waarvan het bindmiddel uit magnesiumoxide en een oplossing van magnesiumchloride in water bestaat.

Makelaar

Verticale balk, in oorsprong constructief onderdeel van het dak ter ondersteuning van de nok. Vanaf de 19e eeuw als decoratief element toegepast ter accentuering van de nok aan de voorgevel. Vaak in combinatie met een ligger. Veel voorkomend bij chaletbouw en boerderijen.

Mal

Contramodel, patroon of uitslag waarin c.q. waarnaar iets wordt gemaakt.

Mansardedak

Dakvorm waarbij het onderste deel van het zadeldak of schilddak steiler is dan het bovenste deel, waardoor een geknikte vorm ontstaat. De naam is afgeleid van de 17e eeuws Franse architect Mansard. Vanaf de tweede helft van de 19e eeuw veelvuldig toegepast bij kleine woningen ter verkrijging van een grotere zolderverdieping.

Marmerpleister

Kunstharsgebonden sierpleister met een hoog percentage natuursteenkorrels waarbij het doorzichtige bindmiddel zich tijdens de verharding 'terugtrekt' naar de ondergrond terwijl het de korrel blijft omkapselen. Na verharding blijven de natuursteenkorrels in kleur en textuur zichtbaar. Ook wel granietpleister genoemd.

Massa

Hoeveelheid stof die een lichaam bevat uitgedrukt in Kg (kilogram).

Materiaal

In deze context: bouwstof.

Materieel

Werktuigen, zowel grote (kranen, steigers) als kleine (pleisterspaan, rei etc.).

Mattenschaar

Heggenschaar voor het knippen van steengaas.

Maximale dampspanning

Dampspanning waarbij verzadiging optreedt (symbool Ps).

Maximale resistentie

Maximale weerstand, bijvoorbeeld tegen chemicaliën.

Meander

Griekse rand in de vorm van een kronkelende rivier.

Mechanisch reinigen

Voorbehandelen met machinale apparatuur zoals stralen en schuren.

Mechanische belasting

Inwerking op stukadoorswerk of vloeren bijvoorbeeld door stoten, krassen, rek en afslijten.

Mechanische breuk

Breuk die ontstaat door overschrijding van de buigtreksterkte.

Mechanische eigenschappen

Het geheel van eigenschappen zoals elasticiteit, flexibiliteit, krasvastheid, hardheid en slagvastheid.

Meervoudige dekvloer

Een meervoudige dekvloer is een vloer die in meerdere lagen, al dan niet met verschillend specifieke eigenschappen, wordt gelegd. De lagen hebben tezamen een minimale dikte van 50 mm. en wordt al dan niet voorzien van een toplaag.

Meetnauwkeurigheid

De mate van secuurheid waarmee een meting verricht kan worden.

Melamine platen

Plaatmateriaal in de meeste gevallen houtvezels, voorzien van een kant en klaar afgewerkte laag.

Mengolie

Te ontraden term voor een hulpstof.

Messen

Specifieke benaming voor het pleisteren c.q. egaliseren van de basislaag van een spackspuit afwerking. Tevens te ontraden term voor egaliseren. 

Metalstud

Amerikaanse benaming voor gipskartonplatenwanden en -plafonds op metalen profielen. In Nederland tevens merknaam.

Metalstudplafond

Te ontraden term voor een gipsplatenplafond gemonteerd op metalen profielen.

Metalstudwand

Te ontraden term voor een gipsplatenwand gemonteerd op metalen profielen.

Meterpas

Belgische benaming voor meterpeil.

Meterpeil

Peilstreep, aangebracht op muren, kolommen, kozijnen, op 1 m boven het peil van de afgewerkte vloer.

Metope

Paneel van een Dorisch fries.

Mezzanino

Lage, halve of tussenverdieping voorzien van kleine liggende rechthoekige, ovale of vierkante vensterlichten, meestal direct onder de daklijn.

MIC-waarde

De MAC waarde die voor de buitenlucht geldt. De grenswaarde voor een schadelijke stof: maximum immissie concentratie.

Migreren

Een stof (verontreiniging, water, enz.) verplaatst zich naar het oppervlak.

Minerale wol

Algemene benaming voor een isolatiemateriaal op basis van gesmolten en gesponnen glas- of steen.

Minibaak

Apparaat voor het meten van de onvlakheid van dekvloeren op basis van een computergestuurd ontvangtoestel.

Modificeren

Het veranderen van de eigenschappen van een materiaal door het toevoegen van één of meer andere stoffen.

Moekarnas

Honingraatgewelf.

MOM

Meldpunt Oneerlijke Mededinging.

Monochroom

Eén kleur.

Monolietvloer

Cementgebonden afwerklaag die nat-in-nat op de nog niet verharde dragende ondergrond wordt aangebracht.

Monolitisch

Een homogeen geheel vormend, dus uit één stuk bestaand. Bijvoorbeeld een monolitisch vervaardigde dekvloer.

Monolitisch afgewerkte betonvloer

Betonvloer die aansluitend op het storten en verdichten een oppervlaktebewerking ondergaat, waardoor een dicht en in het algemeen glad oppervlak ontstaat dat na verharden rechtstreeks aan het verkeer kan worden blootgesteld.

Monster dekvloer

Om een gestorte vloer in een materiaal laboratorium te kunnen onderzoeken en testen is het noodzakelijk een deel uit de vloer te zagen om zodoende te kunnen test. Het te testen deel is minimaal 10 x 10 cm.

Montagevloer


  1. Zwevende dekvloer samengesteld uit estrich elementen.

  2. Verhoogde systeemvloer, zoals bijvoorbeeld een computervloer.

Mortel

Verharde specie. In de betonwereld wordt hiermee ook het niet-verharde materiaal bedoeld. Vroeger bestonden mortels voornamelijk uit zand met kalk, met aldus weinig sterkte (minder dan die van de bakstenen). Vandaag de dag bevatten mortels cement, waardoor de sterkte veel hoger is (zelfs hoger dan die van de bakstenen). Een gevolg hiervan is dat scheuren in oude muren door de mortel lopen. In moderne muren loopt de scheur door de bakstenen. 

Mortelspuit

Machine met als functies mengen en transporteren van de specie naar het te behandelen bouwdeel.

Mortelzone

Het laagje achter de cementhuid, waarin nagenoeg geen grof toeslagmateriaal aanwezig is.

Motief

Vorm, figuur die op regelmatige wijze herhaald wordt of veelvuldig wordt toegepast bij verschillende gebouwen.

Mottig

Een oppervlak met onbedoelde putjes met een lelijk, morsig en vuil uiterlijk.

Mudrunner

Hulpmiddel voor het aanbrengen van gipsgebonden pasta ter plaatse van de hoeken.

Muur

Doorgaans verticaal bouwelement, meestal van lijmwerk, metselwerk of beton, dat een ruimte begrenst en een draag- of steunfunctie kan vervullen.

Muuranker

Oorspronkelijk smeedijzeren staaf om balken en stijlen aan muren te bevestigen en deze tegen uitwijken te vrijwaren. Een muuranker bestaat uit een zogenaamde 'strop en een schieter'. De horizontaal geplaatste strop is voorzien van een oog, waardoor de verticale schieter kan worden gestoken. De schieter drukt dan tegen het muurwerk. Een muuranker kan recht, S-, X- of Y-vormig, maar ook rijk bewerkt zijn. Ook jaartalankers komen voor.

Muurkanker

Te ontraden term voor het deformeren van een muur. In de regel als gevolg van afwijkend vochtgedrag van de muur.

Muuruitslag

Kristallisatie op het muuroppervlak van in de steen of mortel aanwezige zouten of andere stoffen.

Muurverf

Algemene benaming van verfproducten waarmee bouwdelen zowel binnen als buiten kunnen worden behandeld.

Mu-Waarde

Zie diffusieweerstandsgetal.

MVT

Afkorting voor Memorie van Toelichting.

A  -  B  -  C  -  D  -  E  -  F  -  G  -  H  -  I  -  J  -  K  -  L  -  M  -  N  -  O  -  P  -  Q  -  R  -  S  -  T  -  U  -  V  -  W  -  X  -  Y  -  Z